Een paar dagen geleden ging ik weer eens op jacht. Ditmaal met dood aas, want op de een of andere manier wil meneer Snoekbaars niet echt in mijn kunstaas happen. Hoewel ik wel tekenen van leven aan mijn hengeltop zag, lukte het me de hele avond niet om een snoekbaars omhoog te krijgen. Na twee uren jammerlijk vissen had ik er genoeg van, en ik haalde mijn hengel definitief op. Ik verwachtte dat ik een dood stuk brasem zou ophalen, simpelweg omdat ik die aan het begin van de avond aan mijn hengel had bevestigd. Maar niets daarvan! Ik vond slechts een vakkundig kaalgevreten vissegraat.
Even dacht ik dat ik meneer Snoekbaars zijn fileertechniek had onderschat, maar toen begon het langzaam te dagen: ik kon geen snoekbaars vangen door mijn eigen schuld! Ik had verzaakt, was vergeten dat er nog een andere rekening openstaat, een hoger doel te strijden is. De jacht op snoekbaars was niet meer dan een achterhoedegevecht, ja pure desertie! Het front ligt er troosteloos bij, de vijfde kolonne van de hollandse wateren, de amerikaanse horde, wemelt en krioelt nog ongestoord op de bodem van de gracht. Dáár is de vijand, dáár het front.
Lees ook:
- Vis der vissen! De snoekbaars wist niet dat ik aan het vissen was,...
- $%#^@%#$!!! Ik raak regelmatig shadjes en twisters kwijt aan de bodem...
- De vijand heeft zich verstopt… maar niet in mijn fuik. Wil meneer kreeft wellicht toch...

0 reacties tot nu toe ↓
Nog geen reacties... Schrijf een reactie door onderstaand formulier in te vullen.
Laat een reactie achter