Nu het vlees fijn was uitgerust, werd het tijd om de Porkert weer van stal te halen. Daar zat namelijk een worstvuller bij. Nadeel was dat al het gehakt dan nóg een keer door de molen moest, en dus nog fijner werd. En een fijne worst is niet per definitie fijn: geef mij maar worst met klontjes.
Het was dan ook een bijzonder gunstig lot dat de worstvultuit trof, toen deze spontaan doormidden brak. Mijn wijs- en middelvinger pasten -om beurten- in de tuit, en zo ging het vullen gewoon door. Precisiewerk: er kwamen op deze manier wel erg gauw luchtbelletjes in de worst. Die kon ik er later weer uitmasseren, gelukkig. Nu hangt de worst in een vochtige kelder te beschimmelen. Maar dát hoort.
Lees ook:
- Verdraaid nog an toe! Part II Déjà vu… ...
- Jammerlijk Ik maakte een knoflookworst, en hing hem in mijn...
- Plastic fantastic Ooit ging mijn fraaie Porkert-vultrechter kapot, ergens halverwege de...





0 reacties tot nu toe ↓
Nog geen reacties... Schrijf een reactie door onderstaand formulier in te vullen.
Laat een reactie achter