Primaire Levensbehoeften

hoe te overleven in de Grote Stad

Primaire Levensbehoeften header image 2

Aardbeienacademie

13 mei 2012 · Geen reacties

(Deze column verscheen vorige maand in het Nederlands Dagblad. Copyright Sjoerd Mulder)

Sinds het kabinet de langstudeerdersboete heeft ingesteld, vluchten mensen weg naar België om daar hun studie af te kunnen maken. Ook ik vluchtte twee weken geleden weg richting het zuiden, maar ik stopte in het Noord-Brabantse Oirschot. Dat kleine dorpje huisvest de Aardbeienacademie, een van de weinige opleidingen in Nederland waar je geen collegegeld hoeft te betalen.

Op 31 maart was de opening van het academische aardbeienjaar, en ik wilde daar heel graag bij zijn. Want aardbeien kunnen o zo lekker zijn, maar de aankoop van aardbeien is altijd een grote gok. In de winkel glanzen de grote rode aardbeien verleidelijk naar je, maar eenmaal thuisgekomen blijken ze negen van de tien keer smakeloze waterbommen te zijn. Ik hoopte dan ook op deze jaaropening tips te horen waar ik op kan letten. Sommige gastronomen beweren dat enkel peperdure groenteboeren lekkere aardbeien verkopen, anderen verdiepen zich in de verschillende rassen om dan in de winkel de aardbei te kunnen determineren en zo te bepalen of dit een lekker ras is. Maar wat zegt de aardbei-academicus daarover? Met die vraag in mijn achterhoofd arriveerde ik bij de Aardbeienacademie.

Over de campus – slechts een leek zou denken dat het een boerenerf was – liepen veel mensen. Eén man sprong eruit: rode blozende wangen, een stropdas met aardbeienprint, hij moest het zijn, dat kon niet missen, dat was de rector magnificus Jan Robben. Als leergierige student klampte ik me aan hem vast, en hij begon meteen honderduit te vertellen over kassen en volle grond, over zoete en zure smaken in de aardbei, over jam-aardbeien, snoep-aardbeien, eenmalige dragers, doordragers, garneeraardbeien, smaakaardbeien, wilde aardbeien, ananasaardbeien en witte aardbeien. Voor me stond, dat kon niet anders, meneer Aardbei. Deze heer wist alles, maar dan ook alles van die rode vruchtjes. Wie was hij?

Jan Robben was ooit gewoon boer. Aardbeienboer. De supermarkt kocht altijd alle mooiste aardbeien van hem, maar wilde daar nauwelijks iets voor betalen. Hij had dus een probleem, want als je grootste klant niet bereid is om geld voor je waar te leveren, zit je klem. Jan besloot zich te gaan onderscheiden. Hij wilde doen waar hij zin in had, niet afhankelijk zijn van de supermarkt, en hij besloot alleen nog maar lekkere aardbeien te kweken.

De boer die zich nu aardbeienfilosoof noemt, leidde me rond langs een tiental verschillende aardbeienrassen. Naast een oude stal waren honderden bakjes aardbeienplantjes gestald, bordjes gaven het ras en de prijs aan: Elsanta, Lambada, Korona, Sonata en andere onbekende namen, ze gingen bijna allemaal weg voor 1,25 euro per plantje. ‘Is dit het boerenwinkeltje’, vroeg ik? Maar nee, hoe kon ik dat denken, dit was de campuswinkel. Waar studenten aan de aardbeienacademie hun cursusmateriaal kopen.

De geleerde heer vertelde verder. Eigenlijk álle rassen kunnen lekkere aardbeien opleveren, wist hij, maar in de winkel zijn de aardbeien smakeloos omdat rijpe aardbeien snel bederven. En aangezien supermarkten soms wel acht dagen nodig hebben om de aardbei van het land naar de kassa te bezorgen, houden ze niet van rijpe aardbeien. Aardbeien moeten mooi rood zijn, glimmen en gelijkmatig gevormd. Maar rijp, liever niet!

Daar komt bij dat sommige hele lekkere aardbeienrassen zoals de Korona niet productief genoeg zijn en dus vrijwel nooit verkocht worden. De lekkerste smaken krijg je als supermarktconsument nooit te proeven! ‘Waar krijg ik dan wél lekkere aardbeien?’, vroeg ik enigszins wanhopig. Op die vraag klonk een waarlijk academisch antwoord: ”De ideale afstand tussen teelt en consumptie is tien meter.”

Zelf kweken dus, in je tuin of op je balkon. De aardbeienprofessor heeft zich voorgenomen enkel nog perfect smakende aardbeien bij de consument te krijgen, en daarom verkoopt hij niet alleen aardbeien, maar vooral ook heel veel plantjes. Ze worden verstuurd per post. Vervolgens krijgen de studenten per e-mail teelttips: wat voor potgrond geschikt is, of ze mest moeten krijgen. Met natuurlijk recepten, om hun eigengeplukte perfect rijpe volsmakige aardbei te verwerken. Niet dat dat nodig is, want de tweedejaars studenten die ik sprak verzekeren me dat er niets lekkerder is dan een rijpe aardbei zó, direct van de plant. Ik ga het merken, als ik in juni mijn eerste aardbeienpluktoets zal afleggen!

Je kunt de aardbeien van Jan Robben proeven op de Floriade, of op de boerderij in Oirschot. Om lid te worden van de academie hoef je niet eens je deur uit: ga naar www.aardbeien­academie.nl en meld je aan. De plantjes worden dan bij je thuisbezorgd.

Lees ook:

  1. Fenegriek… blaadjes? De trouwe bezoeker van mijn site weet dat ik enkele...
  2. Dág slakjes Vandaag gedenken wij de slakken die toch twee maanden gezellig...
  3. Slakken deel 3 Na verwijdering van een paar op echte Escargots lijkende heesterslakken...

Tags:

0 reacties tot nu toe ↓

  • Nog geen reacties... Schrijf een reactie door onderstaand formulier in te vullen.

Laat een reactie achter